Herenboeren Wilhelminapark

Op landgoed Wilhelminapark in Boxtel ligt de eerste en tot nu toe enige coöperatieve Herenboerderij van Nederland. Het bedrijf is eigendom van een coöperatie die eind 2018 bestaat uit ongeveer 170 huishoudens, Herenboeren Wilhelminapark. De leden hebben samen geïnvesteerd in de op- en inrichting van de boerderij en delen met elkaar de jaarlijkse exploitatiekosten. Ze pachten ongeveer 18 hectare van de Marggraff Stichting, eigenaar van het landgoed. Een boer, Geert van der Bruggen, produceert op een natuurgedreven wijze het voedsel dat de leden-Herenboeren willen eten. De boerderij produceert ongeveer 50 soorten groenten, fruit (diverse rassen appels, peren, pruimen), eieren, aardappelen en uien, diervoer en vlees van rund, kip en varken.

Het zaadje van de Herenboerenbeweging is gelegd door Geert van der Veer. Hij concludeerde rond 2012 dat als je een transitie naar een duurzame landbouw echt wilt realiseren, je maar beter bij de burger/consument kunt beginnen. Deze vorm van voedselproductie is een middel gebleken voor onder meer gelukkige mensen, een betere bodem, een hersteld landschap en meer biodiversiteit.

De boer
De vraag wie de boer is, is bij de Herenboeren niet zo eenvoudig te beantwoorden als het lijkt. Ja, het is Geert van der Bruggen die de dagdagelijkse werkzaamheden uitvoert. Maar dat doet hij wel in nauw overleg met een vertegenwoordiger van het bestuur van de coöperatie, voorzitter Boudewijn Tooren. Boudewijn is hier de aanjager en verpersoonlijking van het natuurgedreven gedachtegoed van de Herenboeren, en ook ambassadeur van het sociale experiment dat Herenboeren is.

Geert heeft thuis in maatschap met zijn vader een gangbaar melkveebedrijf. In de aanloop naar de realisatie van de Herenboerderij, is Geert door Geert van der Veer benaderd met de vraag of hij in is voor de functie van Herenboerenboer. In juli 2016 is hij gestart. Hij zag en ziet het runnen van een gemengd bedrijf als ‘een mooie uitdaging. Het voelt als een baan, met een vast salaris. En ik heb geen spijt dat ik eraan begonnen ben.’

De Herenboeren
De ongeveer 175 huishoudens (370 mensen) zijn Herenboer, en ze hoeven dus niet mee te helpen op het land. Toch is er een kleine vaste groep waarop Geert regelmatig een beroep kan doen als het ‘handjes’ aangaat. Geert merkt wel dat ‘het nieuwe er een beetje van af is en de ledenbetrokkenheid wat afneemt. Van een 9 ½ in 2017 naar een 7- in 2018.’ Volgens Geert is de hulp van vrijwilligers wel belangrijk, ook omdat de coöperatie nog niet het optimale aantal van 500 monden voedt. Als meer monden eten van de Herenboerderij is er volgens zijn inschatting ook meer budget voor de inhuur van arbeid.

De eerste jaren lag de focus vooral op het inregelen van de teelt, het teeltplan en de logistieke kant van de boerderij. Volgens Boudewijn ligt de uitdaging de komende jaren meer op het sociale vlak. ‘Nu komt het aan op het sociale teeltprogramma. Er moet iets anders gebeuren, een honk is wel het minste. Het moet een plek worden waar je graag bent en ook je eten vandaan haalt. Maar het moet meer zijn dan dat. Wat gebeurt er als we bijvoorbeeld Herenboerenappeltaart serveren bij uitleveren?’

Natuurgedrevenheid
De Herenboeren streven op het Wilhelminapark een natuurgedreven bedrijfsvoering na, waarbij natuurgedreven nadrukkelijk een route is en geen hard gedefinieerd doel. De varkens, kippen en runderen kunnen hun natuurlijke gedrag vertonen. Bovendien hebben ze ook een meer praktische rol op het bedrijf. De kippen, gehuisvest in een mobiele kipcaravan, scharrelen overdag in de fruitboomgaard waar ze de bodem verbeteren, bemesten en plagen onderdrukken. De ongeveer 21 buitenvarkens kunnen schuilen en rusten in ronde, deels onder de grond gelegen hutten. In drie weides kunnen ze zelf in een deel van hun voedselbehoefte voorzien. De volgende stap is het ‘mobiele varken’ waarbij de dieren in kleine groepjes ingezet worden op de (geoogste) akkers.

Geert houdt de grond zoveel mogelijk bedekt, waarbij onkruiden vooral in het begin van het groeistadium van de groenten nog wel eens mechanisch worden bestreden. Mochten zich plagen of ziekten manifesteren in de gewassen, dan grijpt hij in het uiterste geval in met een biologisch toegestaan middel.

Geert hecht veel waarde aan de stroken met groenbemesters op het bedrijf. Stalmest wordt nu nog aangevoerd, zo ook compost dat bodemstructuur en bodemvruchtbaarheid moet versterken. De reis naar een natuurgedreven werkwijze, is voor Geert nog omzoomd met dilemma’s. Hoewel hij in technisch opzicht biologisch werkt, staat productie wel op één. Zo is er op de akkers nog sprake van (weliswaar kleinschalige) monocultuur. En op de vraag of hij na de oogst nog wat resten op het land laat staan voor het wild is het antwoord helder. ‘Landbouwkundig is het beter om het weg te halen.’

Wie

Coöperatie van 175 huishoudens en 1 boer

Waar

Boxtel

Bedrijfskenmerken

Hardfruit, leg- en vleeskippen, runderen, varkens, tuinbouw, ruwvoer dieren

Omvang

18 hectare pacht

Markt

Volledige productie voor leden-Herenboeren

DE FILM